De deur

Een van de spannende verhalen over Zeeland.

Het begint zo:
‘Diep in onze winterjassen gedoken slenterden Kees en ik onderlangs de Oosterscheldedijk. De lucht was egaal grijs waardoor je geen flauw idee had van waar de zon stond. Een lichte mist zorgde ervoor dat het water naadloos overging in de lucht, zodat het leek alsof we in het centrum van een grijze, binnenstebuiten gekeerde wereld liepen. Witte spoken bewogen zich op hun gemak over het wateroppervlak, dat op sommige plekken iets donkerder was door een lichte rimpeling. Kortom, het was een dag waarop je je dood verveelde.’

In: Slang-Magazine nr 8, 2013
In: Mijn geschiedenis. Verhalen en gedichten. Uitg. Kontrast, Oosterbeek, 2005

Reacties zijn gesloten.